29/05/2008
Esprit
Voor een beginneling in Brussel is Europa vooral groot en onoverzichtelijk. Rondom het Schumanplein staan enkele overweldigende – veelal lelijke – gebouwen. Wat daarbinnen gebeurt, is voor een nieuwbakken correspondent absoluut niet duidelijk. Maar één ding is zeker: daar zit het nieuws.
In het politieke krachtenspel van de Europese Commissie en al haar ambtenaren, 27 lidstaten, 785 europarlementariërs en duizenden lobbyisten moet je ergens beginnen. En waar vind je dan houvast? Bij de dagelijkse persbriefing van de Commissie.
Iedere dag worden door de woordvoerders van eurocommissarissen voorstellen gelanceerd en reacties gegeven op actuele zaken. Het is een passieve manier van journalistiek, maar een ideale start om het correspondentschap in deze onoverzichtelijke wereld enige structuur te geven.
Mijn pech is alleen dat er al enkele maanden bijna niets gebeurt. Dat heeft verschillende oorzaken. Volgend jaar loopt de termijn van de Commissie af en dus zijn de meeste plannen de afgelopen jaren al gepresenteerd. Daar komt bij dat het Sloveense voorzitterschap vooral op de winkel past en de Commissie niet tot allerlei nieuwe initiatieven aanspoort.
Maar de belangrijkste reden is toch het nieuwe EU-verdrag. De Brusselse politici en diplomaten zijn zo ontzettend bang dat het verdrag niet geratificeerd wordt dat alles wat ook maar een beetje gevoelig zou kunnen zijn, in de la blijft liggen.
En wat krijg je dan? Vaak heel korte persbriefing van de Europese Commissie. Maar soms ook onnodige presentaties, persberichten en optredens van eurocommissarissen. In deze nieuwsluwe tijd zien de onbekendere eurocommissarissen hun kans schoon om publiciteit te genereren.
Dus worden de journalisten lastig gevallen met een Europese campagne om energiezuiniger auto te gaan rijden. Nobel, maar moeten wij daarmee worden lastig gevallen? Of neem commissaris Danuta Hübner van regiopolitiek die een enquête komt presenteren naar de mening van Europese burgers over regiosteun. Met de verrassende uitkomst: de burger wil wat Hübner doet.
Voorlopig dieptepunt in mijn correspondentencarrière van vier maanden was het onderzoek van eurocommissaris Leonard Orban van meertaligheid. Zelfs zijn portefeuille is overbodig, dus dat geldt dan zeker voor elk rapport dat hij aan de pers probeert te slijten. Hij liet zijn woordvoerder onlangs een onderzoek naar de mening van burgers over talen presenteren. De conclusie is te nietszeggend om die hier nog eens te vermelden.
Hopelijk brengt het Franse voorzitterschap weer wat esprit terug in Brussel. Want deze nodeloze pogingen om in de krant te komen, zijn geen al te beste reclame voor het Europese project.
